Kleuren kiezen

Kleur is iets heel persoonlijks. En hoewel smaken verschillen zijn er wel degelijk een aantal algemene richtlijnen te geven wanneer het moment is gekomen dat er kleur gekozen moet worden.

Als het om de kleuren van het buitenschilderwerk gaat zijn de meeste mensen vaak redelijk behoudend. Logisch, want wat moeten de buren er wel niet van denken? Bovendien wil je niet het schilderwerk al na één seizoen opnieuw moeten overdoen omdat je op de kleur bent uitgekeken.

Toch is er best veel mogelijk, ook bij ‘buitenkleuren’. Kijk naar de architectuur van je huis. Wil je de lijnen van de dakgoten benadrukken of juist niet? Kijk naar de gevel, zijn het donkere of lichte bakstenen, maar let ook op de kleur van het dak. Bij een donkere steensoort doet een lichte kozijnkleur het altijd goed. Dat is ook de meest gebruikelijke verdeling: een lichte kleur voor de kozijnen en een donkere voor de draaiende delen (deuren en ramen). Maar andersom zie je ook, dat geeft bij klassieke woningen zelfs een chique uitstraling.

Vergeet de voordeur niet: dit is het visitekaartje van je woning. Moffel die niet weg maar laat hem uitnodigend spreken met rood, oker, klassiek groen of engels blauw. Of natuurlijk transparant gelakt.

Hou bij het kiezen van buitenkleuren ook rekening met het feit dat lichte kleuren een reflecterende eigenschap hebben waardoor ze een langere levensduur hebben dan donkere kleuren. Zeker als een woning op de zuid/westzijde is georiënteerd. Donkere kleuren absorberen zonlicht, waardoor het oppervlak van het hout tot wel vier keer zo warm wordt als licht schilderwerk. Donkere kleuren moeten dan ook eerder overgeschilderd worden dan lichte kleuren.

Een kleur kiezen is best lastig maar ook reuze spannend. Het beste haal je een kleurenwaaier bij de verfspeciaalzaak en bepaal je thuis op je gemak de kleuren.